Bijlage 3 Toelichting op ESG-rapportage
In deze bijlage lichten wij kort de opbouw van de ESG rapportage toe en zetten we de relatie met de meerjarenstrategie uiteen. In de bijgevoegde tabel staan de thematische onderwerpen van de dubbele materialiteitsanalyse en reflecteren we kort op de volwassenheid van elk thema.
Aanpak ESG rapportage
De ESG rapportage, geïntegreerd opgenomen in het jaarverslag, is geïnspireerd op de European Sustainability Reporting Standards (ESRS) en sluit daarmee aan bij de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD). In 2025 is, in samenwerking met het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en de brede werkgroep Duurzaamheid binnen het programma Samen Verantwoorden, de Handreiking vrijwillige duurzaamheidsverantwoording vastgesteld. De handreiking vertaalt de ESRS-vereisten naar de context van de onderwijspraktijk.
In de brede werkgroep Duurzaamheid zijn materiële[19] duurzaamheidsthema’s vastgesteld via een dubbele materialiteitsanalyse, uitgevoerd in sectorverband binnen de OCW-werkgroep. Een stakeholderanalyse is uitgevoerd en een waardecreatiemodel is uitgewerkt. Daarmee zijn duurzaamheidsthema’s geïnventariseerd en aangevuld met sectorspecifieke onderwerpen voor onderwijs- en kennisinstellingen. De materiële thema’s zijn vervolgens vastgesteld via een risico-, kansen en maatschappelijke impact-analyse. Het bestuur van het ROCvA-F heeft opdracht gegeven te rapporteren op basis van de handreiking en materiële thema’s. Een afzonderlijke instellingsspecifieke stakeholderconsultatie heeft in deze fase niet plaatsgevonden. In 2025 zijn met interne stakeholders gezamenlijke prioriteiten bepaald om over te rapporteren.
De meerjarenstrategie en materiële thema’s OCW
Het ROCvA-F stuurt op de strategische prioriteiten uit de meerjarenstrategie. De strategische doelen van het ROCvA-F zijn geïnspireerd op de Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties. Met onze inzet op onderwijs, gelijke kansen en duurzame ontwikkeling dragen we aantoonbaar bij aan de realisatie van deze mondiale doelstellingen. In deze duurzaamheidsrapportage beschrijven wij onze impact daarnaast aan de hand van materiële ESG-thema’s, zoals vastgesteld door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
We beschouwen deze indelingen als twee verschillende lenzen, elk met een eigen vertrekpunt:
De MJS-thema’s beschrijven de strategische ambities en ontwikkelrichting van het ROCvA-F.
De materiële thema’s van OCW bieden een structuur om te rapporteren over onze maatschappelijke en organisatorische impact op het gebied van milieu, sociaal beleid en governance.
Hoewel de invalshoeken verschillen, overlappen de thema’s inhoudelijk in belangrijke mate. Activiteiten die vanuit onze strategie worden uitgevoerd, dragen vaak tegelijkertijd bij aan één of meerdere materiële duurzaamheidsthema’s.
Inhoudelijke samenhang
Duurzaamheid binnen het ROC van Amsterdam loopt als rode draad door de organisatie. De overlap met ESG wordt zichtbaar in de manier waarop wij onze ambitie vertalen naar concrete thema’s. Het terugdringen van onze footprint krijgt invulling via de milieuthema’s energieverbruik, CO₂-footprint (scope 1, 2 en 3) en circulariteit. Hiermee werken wij gericht aan het verminderen van onze impact op het milieu. Onze ambitie om studenten op te leiden tot toekomstgerichte professionals komt terug in het sectorspecifieke thema duurzaamheid in het onderwijs en in de ondersteuning van duurzame studentinitiatieven. Zo verbinden we onderwijsinhoud met maatschappelijke verantwoordelijkheid. Tegelijkertijd zorgen wij er via organisatiecultuur, zakelijk gedrag en integriteit en een duidelijke governancestructuur voor dat duurzaamheid structureel onderdeel is van onze sturing, besluitvorming en dagelijkse praktijk. Daarmee versterken strategie, onderwijs en bedrijfsvoering elkaar.
Inclusie en onze ambitie om een ROCvA-F te zijn waar iedereen meetelt en meedoet, sluiten direct aan bij de sociale thema’s diversiteit, gelijkheid en inclusiviteit en sociale en fysieke gezondheid. Deze thema’s ondersteunen een veilige, toegankelijke en respectvolle leer- en werkomgeving, waarin studenten en medewerkers zich gezien en gehoord voelen.
In het onderwijs komt inclusie terug binnen duurzaamheid in het onderwijs, waar aandacht is voor burgerschap, interculturele wendbaarheid en samenwerken vanuit verschillende perspectieven. Daarnaast raakt dit thema aan duurzaamheid in leerling- en studentorganisaties. Door ruimte te bieden aan diverse studenteninitiatieven en participatie, versterken wij eigenaarschap, betrokkenheid en representatie binnen onze gemeenschap.
Sociale innovatie geven wij vorm door co-creatie met studenten, medewerkers en het werkveld, waarmee wij toekomstgericht en flexibel onderwijs ontwikkelen. Dit krijgt concreet invulling binnen duurzaamheid in het onderwijs en in de ruimte die wij bieden aan studentinitiatieven als proeftuin voor vernieuwing. Zo versterken wij continu onze onderwijspraktijk en maatschappelijke relevantie. Daarnaast raakt sociale innovatie aan duurzaamheid in leerling- en studentorganisaties, waar ruimte wordt geboden aan experiment, initiatief en samenwerking. Deze initiatieven fungeren als proeftuin voor vernieuwing en versterken betrokkenheid en eigenaarschap.
Overzicht van ESG-onderwerpen
Figuur 15 geeft een overzicht van de materiële duurzaamheidsthema’s die voor het onderwijs relevant zijn, de betekenis daarvan binnen de context van het ROCvA-F en de vindplaats in dit jaarverslag. In de eerste kolom zijn de richtinggevende onderwerpen uit ESRS 1 opgenomen. Deze vormden het vertrekpunt voor de dubbele materialiteitsanalyse die op sectorniveau door het ministerie van OCW is uitgevoerd. Op basis van deze analyse heeft OCW vastgesteld welke ESG-thema’s voor het onderwijs materieel zijn. Deze thema’s zijn in de tweede kolom weergegeven en aangevuld met sectorspecifieke onderwerpen.
Per thema is inzichtelijk gemaakt waar het ROCvA-F staat ten aanzien van beleid, acties, indicatoren en doelstellingen, inclusief een korte reflectie. Daarbij hebben wij elk thema afzonderlijk beoordeeld. Deze reflectie helpt ons om inzicht te krijgen in onze huidige positie en om te bepalen op welke onderdelen wij ons de komende jaren verder kunnen ontwikkelen. De laatste kolom ondersteunt de lezer bij het gericht navigeren naar specifieke ESG-thema’s in dit jaarverslag.
|
Thema |
Sub thema’s |
Definities |
Korte reflectie & ontwikkeling |
Paragraaf |
|---|---|---|---|---|
|
Sectorspecifiek |
Duurzaamheid in het onderwijs |
Duurzaamheid in het onderwijs bij het ROCvA-F betekent dat studenten en leerlingen, samen met goed toegeruste docenten en medewerkers, structureel opgeleid worden tot burger en professional om bij te dragen aan maatschappelijke transities. Duurzaamheid wordt verankerd in curricula en beroepspraktijk en studenten maken kennis met de trends en innovaties van morgen. Het ROCvA-F organiseert dit door praktijkgericht leren samen met regionale partners, waarbij studenten werken aan échte sociale en duurzaamheidsvraagstukken. |
Beleid en visie zijn sterk verankerd in de meerjarenstrategie thema's duurzaamheid en sociale innovatie. De visie krijgt vorm via acties als challenge based learning in het onderwijs en het opnemen van trends in verschillende onderwijsdomeinen. Strategiekaarten en een domeinscan helpen meer zicht te krijgen op wat er op dit thema gebeurt. Een volgende stap is om gezamenlijke effecten, indicatoren en doelen te bepalen. We zien kansen om in de komende periode gezamenlijke indicatoren en doelstellingen te borgen in visie en beleid. |
Hoofdstuk 3.2 Onderwijsontwikkeling |
|
Duurzaamheid in leerling- en studentorganisatie |
Bij ROCvA-F gaat duurzaamheid in leerling- en studentenorganisaties over door leerlingen en studenten gedragen initiatieven en netwerken. Deze organisaties dragen in co-creatie en medezeggenschap met interne en externe partners bij aan bewustwording, gedragsverandering en duurzame impact binnen en rondom de onderwijsinstelling. |
De Green Office, gerund door studenten, heeft een stevige positie binnen ROCvA-F en levert een actieve bijdrage aan de verduurzaming van de organisatie. Deze inzet krijgt vorm via peer-onderwijs, communicatie en evenementen. Er wordt nauw samengewerkt met hbo- en wo-Green Offices uit de MRA. Netwerken zoals Pride University en Gender Sexuality Alliances bieden ruimte aan studenten om zicht te verenigen. De aanpak is van de studentorganisaties is praktijkgericht en breed gedragen binnen de organisatie. Op dit thema is nog geen afzonderlijk formeel beleidskader vastgesteld. De komende periode ligt de focus op verdere borging, waaronder het ontwikkelen van een blijvende organisatiestructuur en het explicieter verbinden van activiteiten aan strategische doelstellingen. Om structureel te leren van de stem van de student en te sturen op (nog) meer impact. |
Hoofdstuk 3.2 Onderwijsontwikkeling |
|
|
Klimaatverandering [E1] |
Energieverbruik |
Energieverbruik betekent bij het ROCvA-F het gebruik en de opwekking van energie binnen de organisatie en de mate waarin daarbij gebruik wordt gemaakt van hernieuwbare of niet-hernieuwbare bronnen. |
Het verminderen van energieverbruik is stevig verankerd in de meerjarenstrategie binnen het thema duurzaamheid. De ambities en doelstellingen zijn uitgewerkt in de roadmap 2030. In 2025 zijn maatregelen genomen gericht op het terugdringen van het energieverbruik, het vergroten van de eigen duurzame opwekking, zoals zonnepanelen en warmte-koudeopslag, en het verder verduurzamen van ingekochte elektriciteit. Hiermee wordt gestuurd op een geleidelijke afname van het energiegebruik en de bijbehorende CO₂-uitstoot. De voortgang wordt gemonitord aan de hand van indicatoren zoals het verbruik van aardgas, warmte en elektriciteit in gebouwen. Op basis van deze monitoring ligt ROCvA-F op koers om de gestelde doelstellingen te realiseren. |
Hoofdstuk 7.3 Duurzaamheid |
|
Vervuiling [E2] |
CO₂-footprint scope 1 & 2 |
Scope 1 en 2 van de CO₂-footprint betekenen bij het ROCvA-F de directe en indirecte uitstoot van broeikasgassen die voortkomt uit de eigen activiteiten van de organisatie. |
Het ROCvA-F voert beleid om de CO₂-uitstoot binnen de eigen bedrijfsvoering met minimaal 55% te reduceren in 2030 en met 95% in 2050. In 2025 zijn maatregelen genomen gericht op het gebruik van groene energiecontracten, het terugdringen van energieverbruik en het verminderen van afval. De voortgang wordt gemonitord via de jaarlijkse CO₂-footprint, met indicatoren zoals energieverbruik in gebouwen en afvalproductie. De resultaten laten zien dat de ingezette aanpak voor scope 1 en 2 effect heeft en dat ROCvA-F op koers ligt om de gestelde doelstellingen te realiseren. |
Hoofdstuk 7.3 Duurzaamheid |
|
CO₂-footprint scope 3 |
Scope 3 van de CO₂-footprint betekent bij het ROCvA-F de uitstoot van broeikasgassen die samenhangt met activiteiten van de organisatie, maar afkomstig is van bronnen buiten de eigen organisatie. |
Op het thema CO₂-reductie in de keten (scope 3) richt ROCvA-F zich op het beperken van emissies die samenhangen met mobiliteit en de inkoop van goederen en diensten. Als richtinggevend doel geldt dat de scope 3-uitstoot in 2035 maximaal 8.300 ton CO₂-equivalent bedraagt. In 2025 is ingezet op maatregelen zoals het verder verduurzamen van het inkoopbeleid, het stimuleren van duurzamer reisgedrag en het versterken van de samenwerking met leveranciers en ketenpartners. De voortgang wordt gevolgd via de jaarlijkse berekening van de CO₂-footprint, waarbij onder meer indicatoren worden gebruikt zoals uitgaven aan bouw- en renovatieactiviteiten binnen ingekochte goederen en diensten en mobiliteitsstromen van medewerkers en studenten. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan het verder versterken van het instellingsbrede beleid en het concretiseren van reductiedoelstellingen voor scope 3, zodat in de komende jaren gerichter kan worden gestuurd op verdere emissiereductie in de keten. |
Hoofdstuk 7.3 Duurzaamheid |
|
|
E5 Circulaire economie en grondstoffengebruik [E5] |
Circulariteit |
Circulariteit betekent bij het ROCvA-F de mate waarin zorgvuldig wordt omgegaan met materialen en grondstoffen door deze efficiënt te gebruiken, zo lang mogelijk in omloop te houden en afval te beperken. |
In 2025 zijn eerste stappen gezet om circulaire principes meer structureel toe te passen binnen de bedrijfsvoering. Zo wordt bij sloop- en renovatieprojecten waar mogelijk circulair gewerkt, wordt hergebruik van meubilair gestimuleerd, wordt gestreefd naar hoogwaardig afvalmanagement en wordt binnen het inkoopbeleid aandacht besteed aan duurzamere materialen, waaronder biobased verf bij onderhoudswerkzaamheden. |
Hoofdstuk 7.3 Duurzaamheid |
|
In de komende jaren wordt gewerkt aan het verder ontwikkelen en formaliseren van beleid, doelstellingen en indicatoren, zodat circulariteit stapsgewijs sterker kan worden verankerd in de bedrijfsvoering. |
||||
|
Eigen personeel [S1/S2] |
Sociale- en fysieke gezondheid |
Sociale gezondheid van medewerkers bij ROCvA-F betekent dat medewerkers werken in een veilige en stimulerende leer- en werkomgeving waarin vertrouwen, samenwerking en ontwikkeling centraal staan. Medewerker en leidinggevende nemen hierin gezamenlijk verantwoordelijkheid door open dialoog, duidelijke verwachtingen en coachend leiderschap, met als doel werkplezier en duurzame inzetbaarheid. |
Op het thema sociale gezondheid is verdere beleidsmatige versterking gerealiseerd, met specifieke aandacht voor sociale veiligheid. Daarnaast zijn verschillende acties en programma’s uitgevoerd rond vitaliteit en via het platform ROCwise. De monitoring vindt plaats via het tweejaarlijkse medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) en de jaarlijkse Pulse-meting, waarmee de ontwikkelingen in beleving en het welzijn van medewerkers worden gevolgd. Een gezamenlijke strategie en doelstellingen zijn nog niet vastgesteld. |
Hoofdstuk 6.1 |
|
Fysieke gezondheid van medewerkers bij ROCvA-F houdt in dat werk en werkomgeving bijdragen aan veilig, gezond en prettig werken. Dit omvat aandacht voor vitaliteit en duurzame inzetbaarheid, gerichte ondersteuning bij verzuim en re-integratie en een goede arbodienstverlening. |
Binnen het thema fysieke gezondheid zijn enkele gerichte acties georganiseerd ter bevordering van een gezonde leer- en werkomgeving. Voor dit thema is nog geen afzonderlijk beleidskader of set indicatoren en doelstellingen vastgesteld. De komende periode wordt verkend hoe deze inzet verder kan worden gestructureerd en waar passend verbonden kan worden aan bredere organisatiedoelstellingen. |
|||
|
Diversiteit & inclusie |
Diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie van medewerkers bij ROCvA-F staan voor een werkomgeving waarin iedere medewerker meetelt en kan meedoen. Het ROCvA-F geeft hier invulling aan door inclusieve werving en selectie en door medewerkers en leidinggevenden te ondersteunen in inclusief samenwerken en leidinggeven. |
Beleid en visie zijn verankerd in de meerjarenstrategie onder het thema inclusie. Dit krijgt concreet vorm via trainingen, versterkte HR-processen, medewerkersnetwerken en samenwerkingen met externe partners. De inzet is organisatiebreed zichtbaar en draagt bij aan een meer inclusieve werk- en leeromgeving. Voor de komende periode ligt de focus op het verder ontwikkelen van indicatoren en het explicieter verbinden van activiteiten aan strategische doelstellingen, zodat voortgang en impact beter inzichtelijk worden. |
Hoofdstuk 6.3 |
|
|
Consumenten en eindgebruikers [S4] |
Sociale- en fysieke gezondheid |
Sociale gezondheid van studenten bij ROCvA-F betreft het vermogen om veilig en volwaardig deel te nemen aan het onderwijs en de schoolgemeenschap. Dit vraagt om een sociaal veilige leeromgeving waarin sociale veiligheid systematisch wordt gemonitord, opgevolgd en versterkt. Dit wordt ondersteund door toegankelijke begeleiding en een structurele aanpak van pesten, uitsluiting, discriminatie, grensoverschrijdend gedrag en (online) dreiging, in samenwerking met veiligheidspartners. |
Op het thema sociale gezondheid is verdere beleidsmatige verankering gerealiseerd, met specifieke aandacht voor sociale veiligheid. Daarnaast zijn diverse acties en programma’s uitgevoerd, onder meer in het kader van het Stagepact en de aanpak van stagediscriminatie. De volgende stap ligt in het verder meetbaar maken van resultaten via heldere indicatoren, doelstellingen en trendanalyses. Jaarlijkse studentenevaluaties en de strategiecheck bieden hiervoor al een belangrijke basis. |
Hoofdstuk 7.1 Veiligheid |
|
Fysieke gezondheid van studenten gaat bij ROCvA-F over hoe fit en energiek je bent om je opleiding goed en met plezier te volgen. Het gaat om een gezonde leeromgeving, genoeg beweging, aandacht voor herstel en manieren om actief te blijven, zoals de mogelijkheid om te sporten met korting. Zo helpt het ROCvA-F je om fysiek sterk te blijven en je mentaal en sociaal goed te voelen. |
Binnen het thema fysieke gezondheid zijn gerichte acties uitgevoerd, onder meer op het gebied van een gezonde schoolkantine en het stimuleren van sport en beweging. Voor dit thema is nog geen afzonderlijk beleidskader, geen set van indicatoren of doelstellingen vastgesteld. De komende periode wordt verkend hoe deze activiteiten verder kunnen worden gestructureerd en verbonden kunnen worden aan bredere organisatiedoelstellingen. |
|||
|
Diversiteit & inclusie |
Diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusiviteit van studenten bij ROCvA-F betekenen dat verschillen in achtergrond en ervaring worden erkend en actief worden benut als bron van kennis. Studenten krijgen gelijke kansen om via formele en informele participatie invloed uit te oefenen en bij te dragen aan maatschappelijke en onderwijs gerelateerde vraagstukken. |
Beleid en visie zijn stevig verankerd in de meerjarenstrategie onder het thema inclusie voor studenten. Dit krijgt concreet vorm via onderwijs over diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie, de ondersteuning van studentnetwerken en een jaarkalender met gerelateerde activiteiten en evenementen. Voor de komende periode ligt de focus op het verder ontwikkelen van passende indicatoren en het explicieter verbinden van deze activiteiten aan strategische doelstellingen. |
Hoofdstuk 3.3 |
|
|
Goed ondernemingsbestuur & integer zakelijk handelen [G1] |
Organisatiecultuur |
Organisatiecultuur bij ROCvA-F betekent het dagelijks handelen vanuit het eigen Moreel kompas en verantwoordelijkheid, waarbij duurzame keuzes richtinggevend zijn. De kernwaarden van het ROCvA-F sturen de samenwerking, besluitvorming en omgang met studenten, collega’s en partners, binnen heldere bestuurlijke en ethische kaders. |
Beleid en governance zijn verankerd in de Code Goed Bestuur en krijgen organisatorisch vorm via het Impactteam en de themaregisseurs (Roergangers). De structuur voor sturing en coördinatie is daarmee ingericht. De komende periode ligt de nadruk op het verder concretiseren van deze basis door het versterken van acties, het ontwikkelen van passende indicatoren en het formuleren van heldere doelstellingen gericht op groei, verbetering en duurzame borging. |
Hoofdstuk 7.3 Duurzaamheid |
|
Zakelijk gedrag en integriteit |
Zakelijk gedrag en integriteit betekenen bij ROCvA-F het transparant, zorgvuldig en verantwoord uitvoeren van de maatschappelijke opdracht. Daarbij is duurzaamheid integraal onderdeel van de bedrijfsvoering en samenwerkingen, waarbij het bewust omgaan met middelen, eerlijk handelen en verantwoording afleggen een drijvende kracht is in onze keuzes. |
Beleid en visie zijn verankerd in het Moreel Kompas en de zakelijke gedrags- en integriteitscode. De uitvoering krijgt concreet vorm via interne audits, waaronder VOG-controles en het registreren van nevenfuncties, en door het toepassen van duurzaamheidscriteria binnen het inkoopproces. De basis voor verantwoord handelen is daarmee stevig ingericht. Voor de komende periode ligt de focus op het verder ontwikkelen van indicatoren, zodat verbeteringen in duurzaam inkopen beter kunnen worden gemonitord en explicieter kunnen worden verbonden aan strategische doelstellingen. |
Hoofdstuk 7.3 Huisvesting |
Figuur 15: ESG tabel